MINISTERIE VAN MEEDOEN!

In een gesprek met collega-bestuurders over wat wij zouden doen, wanneer wíj de opvolgers zouden zijn van minister Schippers (VWS) en staatssecretaris Van Rijn (VWS), passeerden vorige week al gauw thema’s de revue als persoonsvolgende bekostiging, integraal maatwerk en het bevorderen van betere samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars.
Meer kwaliteit van zorg in de Wmo en Jeugdwet, en meer kwaliteit van leven in de Wet Langdurige Zorg!
Open deuren misschien, maar geen sinecure.
Veel mensen met een levenslange, levensbrede zorgvraag krijgen in het nieuwe zorgstelsel hun zorg en leven niet meer goed rond.
Vergeleken met de curatieve zorg heeft het dagelijks geploeter met steunkousen, tilliften, rolstoelen, zorg in de klas en aanpassingen in huis maar weinig status en aantrekkingskracht…
Maatschappelijk gezien is hier desalniettemin een wereld (en veel geld) te winnen.

Hoe mooi zou het zijn als na de volgende kabinetsperiode mensen met een chronische ziekte of beperking en hun naasten, veel meer dan nu, kunnen meedoen in de samenleving?
Dat ze net zoals mensen zonder zorgvraag kunnen studeren, kunnen werken, een eigen inkomen kunnen verdienen of in een eigen huis kunnen wonen?
In plaats van in hoge mate afhankelijk blijven van anderen, van zorg en van sociale voorzieningen.

Er wordt veel gesproken over preventie: het bevorderen van gezondheidsvaardigheden en gezond gedrag.
Dat is een mooi verhaal.
Maar de áller-állerbeste manier om hoge maatschappelijke kosten te voorkomen, is het bieden van zorg en ondersteuning die meedoen mogelijk maken.
Bij ons gaan de vlaggen uit als het ministerie van VWS zich samen met SZW, OCW en BZK nog veel meer zou inspannen voor zorg die de voorwaarden schept voor meedoen in de samenleving.
Zorg die voorkomt dat elders in de samenleving kosten moeten worden gemaakt.
Gemeenten en zorgverzekeraars moeten bij het uitvoeren van de hervormde zorgwetten zodanig stevig worden gestimuleerd dat hun beleid leidt tot participatie, tot inclusie en tot preventie van andere maatschappelijke kosten.

We zijn helemaal geen voorstander van het ‘economiseren’ van de zorg.
Maar als we toch willen kijken naar de kosten en baten, dan is het hoog tijd om het hele verhaal te vertellen.
Zorg ten dienste van werk, inkomen, wonen en onderwijs kost wat, maar levert vooral ook baten op.
In jargon: maak die kosten-batenanalyse over de domeinen heen en investeer in mensen en meedoen.
Het VN-Verdrag Handicap kan ons daar ook bij helpen, met volwaardig meedoen in de samenleving als startpunt én toetssteen.

Aan de stand van de zorg valt de stand van de samenleving af te lezen.
Maar het omgekeerde is ook waar.
Wie ondanks een ziekte of beperking meedoet aan onderwijs, wie desondanks werk en inkomen heeft, wie prettig woont, wie zich kan verplaatsen en onafhankelijk kan leven, leeft langer, gezonder en gelukkiger.
In die zin is meedoen een verrekt goed medicijn!

Vanuit het belang van mensen met een chronische ziekte of beperking, pleiten we voor het investeren in zorg die gericht is op meedoen naar wens en vermogen.
En wat ons betreft dopen we het ministerie van VWS morgen om tot het ministerie van Meedoen!

Illya Soffer, directeur Ieder(in)

Bron : Ieder(in)